ALS UW KIND IN AANRAKING KOMT MET DE POLITIE

Strafzaken
Deze brochure gaat over één van de drie kerntaken van de Raad voor de Kinderbescherming: strafzaken. De andere twee kerntaken zijn bescherming en gezag en omgang na (echt)scheiding. Informatie hierover vindt u in de brochures:
Opvoeden is niet altijd makkelijk.
en Scheiding...en de kinderen?

Voor het gemak is deze brochure in de mannelijke vorm geschreven. Overal waar 'hij' staat kunt u ook 'zij' lezen.

Inhoud:


Uw kind heeft iets strafbaars gedaan
Als u van de politie hoort dat uw kind van een strafbaar feit wordt verdacht, is dat een grote schok. U bent als ouder verdrietig, boos en teleurgesteld. Maar waarschijnlijk ook bezorgd. U zit met een hoop vragen: wat gebeurt er nu verder met mijn kind? Is er iemand die voor mijn kind opkomt? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat het niet nog eens gebeurt?

In deze brochure wordt uitgelegd wat de Raad voor de Kinderbescherming voor uw kind kan doen. De Raad voor de Kinderbescherming wordt altijd betrokken bij strafzaken van minderjarigen. Dit zijn jongeren van 12 tot 18 jaar.

Kinderen onder de 12 jaar worden niet gestraft voor een overtreding van de wet. De Raad kan echter wel extra aandacht aan deze kinderen besteden als ze in aanraking komen met de politie.

De Raad voor de Kinderbescherming
De Raad voor de Kinderbescherming komt op voor kinderen die in de knel zitten. Dit betekent dat de Raad actie kan ondernemen op het moment dat het recht van een kind op een evenwichtige ontwikkeling wordt bedreigd. De Raad kan in zo'n geval bekijken wat voor hulp het kind en/of de ouders nodig hebben, en kan deze hulp op gang brengen.

De Raad voor de Kinderbescherming wordt ook betrokken bij kinderen die worden verdacht van het plegen van een misdrijf. De Raad probeert te voorkomen dat deze kinderen in herhaling vallen. Dit doet de Raad door advies te geven over een straf die gericht is op het verbeteren van het gedrag van het kind. Het belang van het kind staat hierbij altijd voorop. Het uitgangspunt is dat jonge mensen nog veel mogelijkheden hebben om te veranderen.

Soms is het strafbare gedrag van een kind een teken van achterliggende problemen. De Raad voor de Kinderbescherming gaat dus altijd na of uw kind en/of uw gezin misschien hulp nodig heeft. Ook hier is het doel te voorkomen dat uw kind in herhaling valt en ervoor te zorgen dat hij op een gezonde manier zijn groei naar volwassenheid kan voortzetten.

De Raad voor de Kinderbescherming is geen hulpverleningsinstantie. Dat wil zeggen dat de medewerkers niet zelf samen met het gezin aan de slag gaan om problemen op te lossen. Wel zoeken zij uit welke vorm van hulp het best is voor ouders en kind, en zorgen ze ervoor dat die hulp op gang komt. De hulpverlening kan op vrijwillige basis zijn, maar de Raad kan er ook voor zorgen dat de hulp door de rechter verplicht wordt gesteld.
Melding bij de Raad
Als uw kind wordt verdacht van strafbaar gedrag, wordt het daarover door de politie verhoord. Het kan zijn dat uw kind er met een waarschuwing vanaf komt. Maar het kan ook zijn, dat de zaak ernstiger is. De politie maakt dan een proces-verbaal op van het verhoor, en stuurt dat naar de officier van justitie. Ook de Raad voor de Kinderbescherming wordt op de hoogte gesteld door de politie. De Raad start dan een onderzoek.

Waarom onderzoek?

Informatie verzamelen

Het is de taak van de Raad om informatie over uw kind te verzamelen voor de officier van justitie. De officier van justitie bepaalt of hij de kinderrechter gaat vragen uw kind te straffen voor zijn gedrag, en zo ja, op welke manier. Een aantal dingen speelt bij deze beslissing mee, bijvoorbeeld waarom uw kind het misdrijf heeft gepleegd, of hij er spijt van heeft, en of hij al eerder met de politie in aanraking is geweest. Maar ook hoe de omstandigheden zijn waarin hij opgroeit, en hoe zijn toekomst eruit ziet. Verder wil de officier van justitie meestal weten hoe de kans op herhaling kan worden verkleind. Daarom geeft de Raad advies aan de officier van justitie en/of de kinderrechter over de straf die opvoedkundig gezien het best is voor uw kind.

Problemen signaleren

Het onderzoek van de Raad is echter ook bedoeld om te bekijken of er misschien achterliggende moeilijkheden zijn die aangepakt moeten worden. Het strafbare gedrag kan voortkomen uit problemen die uw kind heeft, bijvoorbeeld met zichzelf, thuis of op school. Wanneer de ontwikkeling van uw kind door dergelijke problemen in het gedrang komt, kan de Raad de benodigde hulpverlening op gang brengen.

Wat houdt het onderzoek in?
De Raad voor de Kinderbescherming neemt na de melding van de politie contact op met uw kind en met u om een afspraak te maken. Een medewerker van de Raad praat dan met u en uw kind om meer te weten te komen over de persoonlijke omstandigheden. In veel gevallen blijft het bij één gesprek, waarna de Raad het onderzoek afsluit en advies uitbrengt. De raadsmedewerker kan ook met andere mensen praten die informatie kunnen geven, bijvoorbeeld de huisarts of een leraar.

In sommige gevallen is het nodig om meer onderzoek te doen. Bijvoorbeeld omdat de Raad nog niet genoeg informatie heeft gekregen, of omdat er sprake is van ernstige problemen. De kinderrechter of de Raad laat soms nader onderzoek doen door een speciale deskundige, zoals een psycholoog of een psychiater. Dit is een 'persoonlijkheidsonderzoek'. Als er sprake is van achterliggende problemen, zal de medewerker van de Raad tijdens het onderzoek samen met u en uw kind bekijken hoe deze opgelost kunnen worden.

De raadsmedewerker overlegt met u wat hij gaat doen, zodat u goed op de hoogte blijft en betrokken wordt bij de oplossing. Ook overlegt hij met andere deskundige medewerkers van de Raad. Beslissingen neemt hij dus nooit alleen.

Vroeghulp
Als de zaak waarin uw kind betrokken is, heel ernstig is of ingewikkeld, dan kan het zijn dat uw kind in het belang van het politie-onderzoek nog een paar dagen op het politiebureau moet blijven. Een medewerker van de Raad voor de Kinderbescherming komt in dat geval zo snel mogelijk langs bij uw kind om vroeghulp te verlenen: hij komt kijken hoe het met uw kind gaat en of hij nog iets nodig heeft. Ook verzamelt de raadsmedewerker informatie voor de officier van justitie en voor de rechter.

Het rapport
Ieder onderzoek wordt afgesloten met een rapport. Hierin beschrijft de raadsmedewerker het verloop en de resultaten van het onderzoek en geeft de meningen weer van degenen die aan het onderzoek hebben meegewerkt. Ook worden de conclusies van de Raad en andere deskundigen in het rapport opgenomen. Uit deze conclusies volgt het advies van de Raad aan de officier van justitie of de kinderrechter over de straf die het best is voor uw kind. Ook worden eventuele problemen beschreven en wordt aangegeven hoe deze aangepakt kunnen worden.

Uw kind en u krijgen het rapport te lezen, en als er iets in staat wat volgens u niet klopt dan kunt u dat aangeven. Uw opmerkingen worden dan aan het rapport toegevoegd. Daarna stuurt de Raad het rapport naar de officier van justitie en eventueel naar de rechter. U en uw kind krijgen een kopie van het rapport thuisgestuurd. Een andere kopie van het rapport blijft bij de Raad waar het wordt bewaard in een dossier. Hierin zijn alle stukken van de zaak verzameld. U en uw kind hebben het recht om het dossier in te zien. Alle informatie wordt vernietigd als uw kind 21 jaar wordt.

Het advies van de Raad
Het advies dat de Raad geeft, heeft altijd een opvoedkundig karakter. Dit houdt in dat uw kind iets moet opsteken van zijn straf en zich beter zal gaan gedragen. Een paar voorbeelden:


Hulp bij achterliggende problemen
Het onderzoek naar achterliggende problemen van uw kind of in uw gezin kan de volgende uitkomsten geven:

Er is geen reden (meer) tot zorg
De rol van de Raad houdt op, als uit het onderzoek niets is gebleken van achterliggende problemen van uw kind. Ook kan het zijn dat bestaande problemen al tijdens het onderzoek zijn opgelost, of dat hulp van buitenaf is ingeschakeld.

Verwijzing naar hulpverlening
Als het gedrag van uw kind het gevolg is van problemen, kan de Raad uw kind en (eventueel) de rest van uw gezin adviseren hulp te zoeken, en deze hulp op gang brengen. Gesprekken met een psycholoog of een maatschappelijk werker, maar ook opvang na school of huiswerkbegeleiding kunnen manieren zijn om de problemen lichter te maken. De Raad kan nog enige tijd contact blijven houden met uw kind om te bekijken of de situatie door deze hulp verbetert.

Soms is vrijwillige hulp niet genoeg
Wanneer uw kind ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd, kan de Raad ingrijpen in de gezinssituatie. Dit gebeurt als de problemen niet met vrijwillige hulp kunnen worden opgelost, of als het gezin deze hulp niet wil aanvaarden. De Raad vraagt de rechter in dat geval een maatregel van kinderbescherming uit te spreken. De rechter verplicht hiermee het gezin hulp aan te nemen.

Meestal is de maatregel een ondertoezichtstelling. Dit houdt in dat de ouders worden beperkt in hun ouderlijk gezag en begeleiding krijgen van een gezinsvoogdij-instelling. Over de ondertoezichtstelling en andere maatregelen van kinderbescherming kunt u meer lezen in de brochures 'Opvoeden is niet altijd makkelijk' en 'Ondertoezichtstelling'.

De rechter beslist

De officier van justitie kan besluiten om de zaak van uw kind voor te laten komen bij de rechtbank. Op de rechtszitting mag meestal geen publiek komen. Het is een zitting met alleen de kinderrechter, de officier van justitie, uw kind, de advocaat en een griffier die alles opschrijft. Als ouders wordt u ook uitgenodigd. Soms is er ook iemand van de Raad voor de Kinderbescherming op de zitting aanwezig, of een andere deskundige.

Op basis van het proces-verbaal, het rapport van de Raad en eventueel het persoonlijkheidsonderzoek zegt de officier van justitie welke straf het kind volgens hem moet krijgen. Dan zal een advocaat uw kind verdedigen. Ook u en uw kind mogen iets zeggen. De rechter neemt uiteindelijk de beslissing.

Uw kind is het niet eens met de beslissing van de rechter
Als uw kind het niet eens is met de beslissing van de rechter, kan hij in overleg met de advocaat in hoger beroep gaan. Hoe dat moet, kan de advocaat u uitleggen.

Vertrouwenspersoon
U kunt bij al uw contacten met de Raad iemand meenemen in wie u vertrouwen
heeft. Zo'n vertrouwenspersoon kan een familielid zijn, een goede vriend of vriendin, een advocaat of iemand van een hulpverleningsinstelling. De vertrouwenspersoon mag de behandeling van de zaak echter niet van u overnemen, en mag niets doen zonder uw toestemming. Als de Raad met beide ouders spreekt, mag de vertrouwenspersoon alleen aanwezig zijn als beiden dat goed vinden. De Raad mag de vertrouwenspersoon toegang weigeren als deze het onderzoek verstoort.

Wet op de persoonsregistratie
Van alle personen die met de Raad in contact komen, worden in principe de persoonsgegevens opgenomen in de computer. De Wet op de Persoonsregistratie geeft regels voor het vastleggen en gebruik van persoonsgegevens. Ook geeft deze wet mensen onder meer het recht om hun eigen gegevens in te zien, aan te vullen of te corrigeren. Hoe u dat kunt doen, staat in het reglement dat bij de Raad ter inzage ligt.

Een klacht indienen
Als u een klacht wilt indienen over een raadsmedewerker of over de manier waarop het onderzoek is uitgevoerd, dan moet u dat doen binnen twee maanden nadat u op de hoogte bent gekomen van datgene waarover u wilt klagen. U kunt hiervoor gebruik maken van de beklagregeling. Over deze regeling bestaat een aparte brochure, die verkrijgbaar is bij de Raad voor de Kinderbescherming en bij Postbus 51.

Wilt u meer weten?
Als u nog vragen heeft of uw persoonlijke situatie eens met iemand wil bespreken, dan kunt u contact opnemen met de Raad voor de Kinderbescherming.

De Raad voor de Kinderbescherming heeft 21 vestigingen door het hele land. U kunt elke werkdag bellen om een afspraak te maken. De adressen worden hieronder genoemd.

Raad voor de Kinderbescherming:

Vestiging Alkmaar
Kennemerstraatweg 21
1814 GA ALKMAAR
(072) 5143434

Vestiging Almelo
Bellavistastraat 3
7604 AD ALMELO
(0546) 832200

Vestiging Amsterdam
IJsbaanpad 2
1076 CV AMSTERDAM
(020) 5750100

Vestiging Arnhem
Groningensingel 21
6835 EA ARNHEM
(026) 3226555

Vestiging Assen
Mandemaat 3
9405 TG ASSEN
(0592) 333444

Vestiging Breda
Kloosterlaan 174
4811 EE BREDA
(076) 5255800

Vestiging Dordrecht
Spuiboulevard 344-346
3311 GR DORDRECHT
(078) 6139544

Vestiging Eindhoven
Keizersgracht 5
5611 GB EINDHOVEN
(040) 2329319

Vestiging 's Gravenhage
Neuhuyskade 40
2596 XL DEN HAAG
(070) 3742300

Vestiging Groningen
Engelse Kamp 2
9722 AX GRONINGEN
(050) 5205222

Vestiging Haarlem
Jansweg 15
2011 KL HAARLEM
(023) 5156500

Vestiging 's Hertogenbosch
Kooikersweg 3
5223 KE DEN BOSCH
(073) 6207911

Vestiging Leeuwarden
Jacob Catsplein 3
8913 CS LEEUWARDEN
(058) 2343333

Vestiging Lelystad
Maerlant 11
8224 AC LELYSTAD
(0320) 286500

Vestiging Maastricht
Wilhelminasingel 106
6221 BL MAASTRICHT
(043) 3254354

Vestiging Middelburg
Buitenruststraat 4
4337 EH MIDDELBURG
(0118) 673333

Vestiging Roermond
Slachthuisstraat 57
6041 CB ROERMOND
(0475) 363363

Vestiging Rotterdam
Wijnhaven 144
3011 WX ROTTERDAM
(010) 4040600

Vestiging Utrecht
A. van Schendelstraat 550
3511 MH UTRECHT
(030) 2391666

Vestiging Zutphen
Zaadmarkt 91
7201 DC ZUTPHEN
(0575) 590100

Vestiging Zwolle
Van Wevelinkhovenstraat 1
8021 WX ZWOLLE
(038) 4554333

Aan de informatie die is opgenomen in deze folder kunnen geen rechten worden ontleend.

Meer informatie over dit onderwerp vindt u in de volgende brochures:

Je wordt verdacht van een strafbaar feit
(Nederlands, Turks en Arabisch)
De taakstraf, maak er wat van! (Nederlands) (beiden voor minderjarigen)
Justitiële jeugdinrichtingen (Nederlands, Engels)

Deze brochures worden uitgegeven door het Ministerie van Justitie. Ze zijn verkrijgbaar bij alle vestigingen van de Raad voor de Kinderbescherming en via Postbus 51

of via de Postbus 51 Infolijn
Postbus 51 Infolijn
tel: 0800-8051 (gratis)
Maandag t/m vrijdag van 9.00 tot 21.00 uur.

Ook de andere brochures van de Raad voor de Kinderbescherming zijn op deze manier verkrijgbaar.

Januari 1998
Uitgave: Raad voor de Kinderbescherming
Landelijk Bureau
Postbus 19202
3501 DE Utrecht
Nederland

U vindt de Raad voor de Kinderbescherming op het Internet:

De Raad voor de Kinderbescherming